Dit is volgens de gegevens de eerste in Nederland geleverde 500 SL, destijds het absolute topmodel uit de W107 serie. En dat is het natuurlijk nog steeds. Een prachtige klassieker waarmee het iedere kilometer genieten is. Een heerlijk smeuïge V8 gekoppeld aan een soepel schakelende automatische versnellingsbak. We hebben altijd twijfel of de auto nu mooier is zonder, of met de typische hardtop. Eigenlijk is allebei prachtig. En dat is een goed ding, want zo hoef je geen keuzes te maken. Heerlijk de zon op je hoofd bij mooi weer, en in het koudere voor- en najaar de simpel te monteren hardtop er weer op. Tussendoor kan de softtop makkelijk gemonteerd, en in een oogwenk weer naar beneden geklapt worden.
Een all-round auto die nog niets van zijn statige en toch sportieve uitstraling heeft verloren. De SL is heel netjes onderhouden met slechts lichte gebruikssporen. De onderhoudsbeurten, waarvan veel facturen aanwezig zijn, zijn op tijd uitgevoerd, en het gebruik was jarenlang puur hobbymatig. De laatste eigenaar heeft de auto 10 jaar in bezit gehad en wil er nu afscheid van nemen wegens tijd- en plaatsgebrek. Een prachtige kans voor een nieuwe liefhebber.
In het voorjaar van 1971 liet Mercedes de wereld kennismaken met de door Friedrich Geigner getekende 350 SL. De nieuwe roadster had de zware taak om de legendarisch Pagode-SL (W113) af te lossen. De 350 SL, in Mercedes-termen de R107, was net als zijn voorganger een tweezitter met volledig verzinkbare kap, bovendien leverde Mercedes de auto standaard met een afneembare hardtop voor in de winter. Optioneel waren er achter de voorstoelen noodzitjes voor kinderen tot 30 kilo leverbaar.
Mercedes zou Mercedes niet zijn als de 350 SL niet was uitgerust met talrijke innovatieve details. Zo bevond de benzinetank zich om veiligheidsredenen boven de achteras en in het interieur zorgden een zacht bekleed dashboard, verzonken schakelaars en een speciale stuurkolom voor de nodige bescherming bij een aanrijding. Voor een goed zicht ontwierp Mercedes profielen op de A-stijlen die bij regen het water afvoerde waardoor de zijruiten schoon bleven. Ook zijdelings goed zichtbare knipperlichten en grote geribbelde achterlichten zijn ontworpen met het oog op veiligheid.
De 4,39 meter lange en 1.540 kilo zware 350 SL werd aangedreven door een 3,5-liter V8 met 200 pk, voor de kenners de M116-motor. Standaard was een handgeschakelde vierbak en tegen meerprijs leverde Mercedes een drietraps automaat. Een paar maanden na de introductie werd de 450 SL toegevoegd. Zijn 4,5-liter V8, de M117, leverde 225 pk en was er alleen als automaat. Medio 1974 werd het programma aangevuld met de 280 SL die een 2,8-liter zes-in-lijn (M110) met 185 pk onder de sierlijke motorkap had. Negen jaar na de introductie, het was inmiddels maart 1980, kreeg de R107 een update waarbij zowel de handgeschakelde versnellingsbak als de automaat er een verzet bij kregen. Tegelijkertijd werd de 350 SL afgelost door de 380 SL die werd voortgestuwd door een 3,8-liter V8 (M116) met 218 pk. Als topmodel fungeerde ter vervanging van de 450 SL nu de 500 SL met een 5,0-liter V8 (M117) met 245 pk in het vooronder.
In september 1985 voerde Mercedes een grote facelift door waar onder andere een strakker ex- en interieur deel van uitmaakte. Tevens werden het onderstel en de motoren aangepast. Als ‘instapmodel’ stond de 300 SL gereed waarvan de 3,0-liter zescilinder (M103) 188 pk leverde. Met zijn 218 pk sterke 4,2-liter V8 (M116) was de SL 420 al flink sterker, maar de SL 500 met 5,0-liter V8 (M117) en 245 pk was in Europa het neusje van de zalm. Speciaal voor Amerika, Australië en Japan was er bovendien nog de SL 560 met een 5,6-liter V8 (M117) die 230 pk op de achterwielen los liet. De productie van de SL met modelcode R107 vond tot en met augustus 1989 plaat in het Duitse Sindelfingen. Na 237.286 stuks nam de SL met modelcode R129 het stokje over.
Dick Bloemendaal